LTO: Adviezen bieden tegenwicht in discussie over megabedrijven
13 feb 2008 |
Met grotere veehouderijbedrijven dienen zich nieuwe mogelijkheden aan voor verbeteringen van het milieu, dierenwelzijn en inpassing van nieuwe stallen in het landschap. Dit zegt LTO Nederland in een reactie op de conclusies van een viertal onafhankelijke adviesorganisaties over de kansen en bedreigingen als gevolg van schaalvergroting in de veehouderij en het ontstaan van megabedrijven.
De vanmiddag gepresenteerde rapporten tonen volgens LTO aan, dat investeringen in samenhang met schaalvergroting daadwerkelijk bijdragen aan een schoner milieu. Ook het dierenwelzijn gaat er niet op achteruit maar juist op vooruit, zegt voorzitter Albert Jan Maat van LTO Nederland. ''De rapporten en adviezen bieden tegenwicht in een publieke discussie, die te zeer gebaseerd is op beelden en veronderstellingen en te weinig op feiten'.
Net zoals in andere sectoren van de economie gaat de schaalvergroting ook in de land- en tuinbouw door, stelt Maat. Ruimte voor bedrijfsontwikkeling is een van de speerpunten van LTO om positie te kunnen houden op de internationale markt. LTO Nederland gaat met deze discussie - mede op basis van de analyses en adviezen uit de rapporten - verder aan de slag. Het zal gaan om concrete voorstellen in de sfeer van ruimtelijke ordening, bedrijfseconomie en duurzaamheid.
De ontwikkeling naar mega-bedrijven kan er volgens de adviesbureaus toe leiden, dat infectieziekten die van dier op mens overdraagbaar zijn (zoönosen) meer gaan voorkomen. LTO denkt dat maatregelen mogelijk zijn op het gebied van management en preventie om dergelijke risico's te beperken. Ook met het oog op mogelijke uitbraken van besmettelijke dierziektes zijn preventieve maatregelen beschikbaar om de kans op verspreiding tot een minimum te beperken. Met nieuwe mogelijkheden voor vaccinatie (preventief en noodentingen) kunnen dieren trouwens beter worden beschermd dan aan het einde van de vorige eeuw.
Maat benadrukt dat maatschappelijk draagvlak voor de hele sector bepalend is voor de toekomst van de land- en tuinbouw. ''Het agrarische bedrijf is overwegend een gezinsbedrijf, al wordt de omvang ervan gemiddeld groter. Ik zie liever tien bedrijven met vijfduizend varkens dan één bedrijf dat tien keer zo groot is. Aan de andere kant moeten we niet weglopen van ontwikkelingen die werkelijk aan de gang zijn'.
Het aantal zeer grote veehouderijbedrijven, zoals de Raad voor het Landelijk Gebied (RLG) deze becijfert, is in de afgelopen jaren wel toegenomen, maar nog steeds beperkt. Het gaat om ca. 75 bedrijven ten opzichte van in totaal rond 35.000 veehouderijbedrijven, ofwel 0,2 procent. Ook het aantal aangevraagde vergunningen voor megabedrijven is relatief klein.
LTO vindt net zoals de RLG, dat het platteland ruimte moet bieden voor de vestiging van megabedrijven voor varkens en pluimvee, al zal dat niet overal op dezelfde schaal kunnen. Acceptatie door de omgeving en duurzaamheid moeten hierbij hand in hand gaan. Grotere bedrijven leiden per saldo niet tot méér dieren omdat extra productierechten nodig zijn, afkomstig van bedrijven die ermee stoppen.
Bron
Tip of e-mail de redactie
E-mail een collega
Plaats dit bericht op uw favoriete linksite:
Verwante berichten
© 2008 GroenPortaal